Geschiedenis van Zevendonk

Appolonia-kappeletje
Het Appolonia-kapelletje

kerk
Waar vroeger de kerk stond,
is nu de plattegrond zichtbaar gemaakt
a.h.v. groenaanplanting.

oude school
De 'oude school' van Zevendonk,
nu huis van Marieke Wuyts.

den buuk
boerderij 'Den Buuk' anno 2002,
minstens 133 jaar oud

Zevendonk is een gehucht van Turnhout , ongeveer 4 km van de stad met een oppervlakte van 13 km² (of 1300 ha), met 9km² langs de westkant en 4 km² langs de oostkant. Een aardig stuk grond als je dit vergelijkt met de totale oppervlakte van de stad Turnhout, zijnde 4500 ha.

In 1690 werd Zevendonk wel eens vernoemd naar de twee gehuchten (ook wel genoemd: beide Zevendonken) : in het noorden de Veedijk en in het zuiden Winkel, met een hoger en een lager gebied. Het lager gelegen gebied werd vernoemd naar het Winkelsbroek met voornamelijk zeer drassige bodem met turf en veen die in de vroegere jaren werd ontgonnen als brandstof . Vandaar nog de talrijke kwachten en vijvers die zijn overgebleven.

In 1740 telden de twee Zevendonken langs de noordkant 19 boerderijen en langs het zuiden 13. In 1940 was dat al aangegroeid tot 108 stuks, meestal kleine middelgrote boerderijen. De taaie boeren van Zevendonk hebben uit de heide, biezen en bunt land gespit en geploegd zodat het geworden is wat het nu is: vruchtbare akkers en beemden. Vreemd is wel dat midden Zevendonk het laatst is ontgonnen. Men beweert dat de oorzaak hiervan was het geregeld overstromen van de Kaliebeek, maar zekerheid is hierrond niet.

In 1835 werd het kadaster op punt gezet. Ook de kadastrale leggers lijken voor een stuk overeen te komen met de jaren 1514, met de benamingen : Duivelsdonk, Papenhof, De Melle, Leisheinde, Winkel, Piekenblok, Veedijksheike, Den Buut, Verlorenkost, Dongen en Reesdijk. Ook de hoeven kregen een naam zoals : De Heidehoeve van 1446, Bergmanshoeven van 1519, Gietershoeven van 1515, Kempenhof 1419, Hertsarthoeve 1518, Bosharthoeve van 1600 en de Heiblomhoeve.

Een bron van inkomsten voor de boeren van Zevendonk was de wekelijkse boter- en eiermarkt aan de boterwaag op de Zegeplaats in Turnhout, waar de opkopers de boeren van Zevendonk graag zagen komen met de fiets of te voet en met grote boterkorven op hun rug. Ze werden genoemd als de boeren van Zevendonk. Sommige boeren verkochten hun waren ten huize van vaste klanten; dit waren dan meestal middenstanders en gegoede burgers.

Zevendonk had in de vroegere jaren (1600) een kapel aan de Tielenbaan waar nu het Appoloniakapelletje zich bevindt. Maar waarschijnlijk werd deze omwille van de aangroei van de bevolking te klein. In 1673 werd er een aanvraag gericht aan de bisschop van Antwerpen voor een nieuwe, wat grotere kapel. Het duurde nog tot 1690 vooraleer er met de werkzaamheden kon gestart worden. Er werd beweerd dat de bakstenen van de oude kapel werden herbruikt om de nieuwe kapel mee te bouwen. Na de ingebruikname van deze kapel werden de diensten verzorgd op zondag door de minderbroeders van Turnhout voor voornamelijk zieke en oudere mensen. Al de anderen die zich konden verplaatsen moesten naar de Sint-Pieterparochie in Turnhout. Er werd ook godsdienstonderricht gegeven door deze broeders. Gewoon onderwijs werd meestal gegeven door vrijwilligers.

In 1855 werd Zevendonk een zelfstandige parochie met een vast pastoor. Er werd een kerk gebouwd door bouwmeester Thysmans (1874). De eerste pastoor van deze kerk was E.H. Van Gimsberge. Zijn opvolgers in rij waren E.H Van den Weyngaerd, E.H Moelans, E.H. Godfried Meeus, E.H. Jozef Meeus, E.H. Van der Auwera, en E.H. Crauwels. Toen werd de kerk afgebroken.

Zevendonk beschikte in 1800 over een eigen vrijwillige brandweer en beperkt materiaal. Ze beschikten over een dubbele zelfbediende handpomp die men ter plaatse bracht met een trekpaard indien het nodig was. De bergplaats voor dit materiaal bevond zich in een van de aanpalende gebouwen van Jef Borgmans. Rond de jaren 1926 werd de dienst waargenomen door de brandweer van Turnhout die toen beschikte over de eerste brandweerwagen en werden de vrijwilligers van Zevendonk ingelijfd in het korps van Turnhout die toen gehuisvest waren in het gebouw ‘Het Steentje’ op de Grote Markt. Daar had men destijds een torenwachter die het overzicht had op de wijde omgeving.

Zevendonk had destijds een St.-Bastiaansgilde. Deze werd op het einde van de 17de eeuw opgericht. Het was vroeger de taak van de militiegroepen (zoals de boerenkrijg) die deel uitmaakten van de gemeenten, om zich te verdedigen tegen indringers. Sinds de legers er steeds meer geregelde kaders op nahielden, verdween het eigenlijke doel van de gilde en ontaarde zij in maatschappijen van vermaak. Op de buiten deden ze nog wel aan bewaking van de velden en de stallen. Hun bijzonder inzicht was om zich onder elkaar te vermaken , het paraderen in processies en het schieten van de papegaai. Ze hadden ook een eigen vlag. De gildekoning droeg een halssnoer met verschillende kleine schildjes. Deze ketting kostte toen 15 gulden. Dit sierraad van Zevendonk is in zeer goede handen van een weledele heer van Turnhout die de ketting gelukkig van vervreemding heeft kunnen redden. Opkopers hebben, zoals op vele plaatsen , het vaandel weten te bemachtigen. In 1715 was de gildekamer gevestigd in het huis van Peter Dierckx (hoofdman) in de Heibloem waar ze hun jaarlijks teerfeest hadden op Sint-Bastiaansdag (20 januari).

De molen van Zevendonk : Het was wachten tot ongeveer 1800 voor Sus Verrydt om ten zuiden van Zevendonk een molen te bouwen. Het gehucht was intussen al een stuk uitgedeind zodat het inwoners aantal van Zevendonk was toegenomen ! Bovendien was sinds de 18de eeuw het wegennet uitgebouwd en redelijk verbeterd. Hier lag een kans voor een ondernemende molenaar. Deze molen heeft dienst gedaan tot 1917, ruim honderd jaar dus en werd toen afgebroken. Als herinnering hebben de twee molenstenen jaren tegen de schuur een plaats gekregen totdat ze werden opgekocht door Emiel Nys voor het plaatsen als entree voor zijn villa.

Vroeger waren er twee monumenten in Zevendonk. Een daarvan is het kasteel van de baron aagekocht begin 1700 door Baron De Fierland-De Fierland .Later werd het vergroot tot wat het nu is. Baron de Fierland kwam in 1700 van ‘s Hertogenbosch en vestigde zich in het groot herenhuis wat nu het huidige Kursaal is in Turnhout op de markt. Hij was een bemiddeld man en had een boontje voor Zevendonk. Hij kocht er geregeld percelen grond aan tot hij in 1788 een grote aankoop deed van de familie Sijs van maar liefst 495 ha waaronder bos, heide en landbouwgronden met een twaalftal boerderijen.

Het tweede monument van Zevendonk was de kerk. Dit is een droevig verhaal van verregaande verwaarlozing. Een uniek stukje Zevendonk met naast het kerkje een lindendreef met recht daarover een beukendreef destijds nog aangeplant door baron de Fierland en centraal gelegen naast de school en het ontmoetingscentrum ‘Den Donk’ en de pastorie. Het kerkje was bovendien sterk verweven met het emotionele leven van de families in het gehucht. Dit had zeker moeten geklasseerd worden door monumentenzorg, maar er was maar een zorg voor de pastoor : zo vlug mogelijk afbreken. Volgens de pastoor kwamen mensen die reuma hadden hun beklag doen. Het ging echter alleen maar om verzinsels van de pastoor. Het waren juist deze mensen die geen afbraak wilden, maar voor de pastoor kon die oude kerk voor zijn deur niet snel genoeg gesloopt worden. Een spijtige afloop van een monument dat destijds werd gefinancierd door de mensen van Zevendonk en door een vreemde man werd teniet gedaan. Zeer triest !

Onderwijs in Zevendonk. Voor 1879 was de Zevendonkse katholieke school ondergebracht in de ruime voorkamer van boerderij ‘Den Buuk’, eigendom van de baron en nadien aangekocht door René Govaerts. In 1874 werd het schoolcomité opgericht onder voorzitterschap van pastoor Moelans. In 1900 huurde de katholieke school de gebouwen van de officiële school welke in die tijd onderbezet waren. Deze gebouwen waren eigendom van de stad Turnhout en zijn nu eigendom van Marieke Wuyts.

Het schooljaar 1879 -1880 begon met 41 jongens en 21 meisjes. De heer Frans van der Veken, geboren in Zevendonk in 1845, koster en orgelist van de parochie, werd de eerste onderwijzer van de school. Het schooljaar 1885-1886 met 72 inschrijvingen kwam juffrouw Van Haver als hulponderwijzeres in dienst. Jan van der Veken volgde zijn vader op. Juffrouw van Haver werd hoofdonderwijzeres. Nadien volgde juffrouw Bullekens haar als hoofdonderwijzeres op. In 1905 huwde de heer Van der Veken met juffrouw Bullekens . Ze bestuurde de school nog tot 1930 en overleed in 1931. Op vraag van de pastoor Petrus Meeus bouwde het klooster van de zusters van Vorselaar een bijhuis in Zevendonk. Er werd voornamelijk onderwezen door de zusters en een juffrouw.

In 1936 werd de school opgesplitst in een jongens-en meisjesschool. Meester Van Herck kwam bij de jongensschool in dienst als schoolhoofd en deze werd opgevolgd door Willem Paulussen , die op zijn beurt werd opgevolgd door Victor Maes. De jongensschool was gelegen aan de Steenweg op Diest, maar deze gebouwen werden ondertussen alweer gesloopt. In 1964 werd een nieuw gebouw opgetrokken aan de Kapelweg. Dit kon tot stand komen door een milde schenking van Franciscus Dierckx. Nadien werd de school overgedragen aan het Sint-Pietersinstituut van Turnhout. Als hoofdonderwijzer werd dhr. André Govaerts door het bisdom van Antwerpen aangesteld en hij werd opgevolgd door de huidige directeur Paul Proost.

Sint-Pietersinstituut afd. Zevendonk | Kapelweg 56 | 2300 Turnhout